Wordt u na 31 december van dit jaar 62? Dan krijgt u pas na uw 67ste AOW. Afhankelijk van uw werksituatie en de aanvullende pensioenen die u heeft geregeld, betekent dit dat u minimaal drie maanden extra voor uw pensioen kunt sparen, of dat u voor die periode een inkomensgat heeft.

Sinds enkele jaren stijgt de AOW-leeftijd stapsgewijs. Zo krijgen mensen in 2017 voor het eerst AOW als ze 65 jaar en negen maanden zijn. In 2018 ligt de AOW-leeftijd op 66 jaar en in 2021 op 67 jaar. Eind oktober werd bekend dat de AOW-leeftijd voor 2022 is vastgesteld op 67 jaar en 3 maanden. Vanaf 2022 is de AOW-leeftijd gekoppeld aan de gemiddelde leeftijdsverwachting, waardoor de AOW-leeftijd de komende jaren verder omhoog kan gaan.

Andere pensioendatum aanhouden

De AOW is voor veel mensen de belangrijkste inkomstenbron na hun pensionering. Eerder of later dan de AOW-leeftijd met pensioen gaan, gebeurt daarom bijna niet. Maar het kan natuurlijk wel.

Eerder stoppen met werken

Als u – via een werkgever – een collectief pensioen opbouwt, keert dit pensioen waarschijnlijk al voor uw AOW-leeftijd aan uw uit. Wanneer u eerder wilt stoppen met werken, kan het echter nodig zijn om daarnaast een extra spaarpot op te bouwen. Dit kan fiscaal aantrekkelijk via een lijftrente- of bankspaarpolis van de Regiobank.

Langer doorwerken

Als u nu al individueel spaart voor uw pensioen, kunt u langer doorsparen. Hierdoor heeft u bij uw pensionering meer vermogen opgebouwd en krijgt u maandelijks een hoger bedrag uitgekeerd.

Persoonlijke keuze voor pensionering

Wat voor u de meest aantrekkelijke keuze is, is heel persoonlijk. We denken bij Geertsma graag mee over de mogelijkheden. Kom gerust langs voor een vrijblijvend gesprek.